Zoektocht naar de geschiedenis van        De Jantjes II

Op 14 augustus 2020 was het precies 100 jaar geleden dat De Jantjes, geschreven door Herman Bouber met liedteksten van Louis Davids en muziek van Margie Morris, in première ging. Deze 100ste verjaardag zou met allerlei evenementen groots gevierd worden. Helaas gooide Corona roet in het eten en zijn de evenementen tot op heden uitgesteld of afgelast. Novo Theaterproducties heeft hieraan haar medewerking verleend door voor De Theaterencyclopedie een overzicht te maken van Voorstellingen, Affiches, Foto's, Recensies en de Theaterfamilie Nooy als rode draad door De Jantjes door de jaren heen.

Dit overzicht kunt u bekijken op deze site op de pagina "100 jaar De Jantjes" of op www.theaterencyclopedie.nl/dejantjes.

Naar aanleiding van dit overzicht en de connectie van de familie Nooy met Volkstoneel in het algemeen en De Jantjes in het bijzonder werd Novo Theaterproducties benaderd door het Allard Pierson Museum (beheerder van de collectie van het voormalige Theater Instituut Nederland) i.v.m. de restauratie van een beschadigd affiche van De Jantjes. Wij komen later op de restauratie terug. Bij het zien van het affiche bleek het niet om De Jantjes te gaan maar om een affiche van "De Jantjes II of Als Kinderen Groot Worden". Het vervolg op De Jantjes, in 1924 geschreven door Herman Bouber , wederom met liedjes van Louis Davids Wij waren op de hoogte van het bestaan van De Jantjes II. Een aantal liedjes uit deze voorstelling heeft Nooy's Volkstheater in 1980/1981 gebruikt in de voorstelling Ronde Ka, ook van Herman Bouber, Louis Davids en Margie Morris, in een bewerking van Dick Nooy. Diverse oude kopieën van bladmuziek en liedteksten zijn nog steeds in ons bezit. Maar verdere informatie over De Jantjes II was niet ogenblikkelijk voor handen. Waarom is het vervolg op De Jantjes, een stuk en de liedjes die nagenoeg elke Nederlander kent en nog steeds regelmatig wordt opgevoerd, geen succes is geworden en in de vergetelheid is geraakt. 

Wij zijn een onderzoek gestart naar de geschiedenis van De Jantjes II. Hieronder het resultaat.

Deel uit 'een beknopt overzicht van voorstellingen in de Plantageschouwburg tussen 1917 en 1923'

*Vanaf augustus 1920: De Jantjes (Ensemble Jacques Sluyters). Alweer geen groot succes. Zaalhuur en salarissen konden worden betaald, maar dat was het wel. Er werd zelfs drie keer alvast een ander stuk in studie genomen, maar een advertentie bij de 100e voorstelling veroorzaakte de grote doorbraak. Plotseling zat de zaal avond aan avond bomvol. Zo vol dat er een tweede groep werd geformeerd om de voorstelling in het Rozentheater te spelen, En een derde groep om de provincie te bedienen. Dat ging zo zestien maanden door. Meer dan 500 uitvoeringen, laatste voorstelling op 30 april 1922. Enkele voorstellingen ook in ‘de provincie’: in Zwolle, in Leeuwarden, in Heerenveen, in Breda, in Delft en in Venlo. 

Maar dat er ook een 'De Jantjes 2' was, weet vrijwel niemand. In 1924 komt er een vernieuwde voorstelling, onder de naam: De Jantjes 2 of Als Kinderen Groot Worden. Met 135 voorstellingen is ook dit een succes, maar duidelijk minder groot, ondanks de blijkbaar zeer goede recensies zoals uit de hieronder geplaatste publicaties blijkt.

Slechts weinigen weten dat Bouber nog een vervolg op "De Jantjes" heeft geschreven: De Jantjes II". Johan Elsensohn roept hier: "Ah! Die blonde Margareta!" Aaf Bouber is namelijk de ouder geworden Blonde Greet.

Plantage-Schouwburg, Fransche Laan, Amsterdam. - Dir. Colnot & Poons.

Slotscène uit de "Jantjes 2" van Herman Bouber. - De "Jantjes 2", een fragmentarisch behandeld stuk volksleven heeft zeer terecht het succes van zijn voorganger de "Jantjes 1" verworven. - De heer Bouber heeft, wat men noemt de "flair" van het tooneel; hij weet scènes te maken, tintelend van leven, beweging en kleur, vol spanning, actie en verrassingen. Hij blijft in stijl en toon tot het laatste moment en aangezien hij niet uit het oog verliest, dat in deze volksmilieux gepolijste termen buiten het kader zouden vallen, zoo moet de toeschouwer begrijpen, dat de spelenden hun gedachten niet door de tong laten filtreeren. - Een bezoek aan de "Jantjes 2", waarin de auteur zelf een hoofdrol vervult en waarvoor Luis Davids aardige liedjes heeft geschreven, is alleszins aanbevelenswaardig. - Het stuk zal ongetwijfeld een paar honderd voorstellingen beleven. - De zaal is elken avond zoo goed als uitverkocht.                                                                                                    

Tot zover over De Jantjes 2 uit 1924. In de recensie hierboven, werd voorzien dat De Jantjes 2 zeker het aantal van duizend voorstellingen zou overschrijden, gezien het succes van de première. De productie is ook nog op tournee geweest, wat is op te maken uit de krantenadvertentie van het Thalia Theater in IJmuiden. Echter, na deze productie komt de naam van het stuk niet meer in de analen voor. Tot in 1956 bij Toneeluitgeverij Maestro het toneelstuk "Kinderen worden groot" wordt uitgegeven, nu met De Jantjes 2 als ondertitel. Nu ook zonder liedjes. Voor zover wij kunnen nagaan is het stuk niet meer door het beroepstoneel op het repertoire genomen. Wel vonden wij twee amateur verenigingen die "Kinderen worden groot" hebben gespeeld.

Na 1966 werd het, zover wij kunnen nagaan, weer oorverdovend stil rond De Jantjes 2. In het seizoen 2004/2005 bracht Joop van den Ende Theaterproducties De Jantjes uit (voor de tweede keer, hij deed dat eerder in het seizoen 1997/1998). Een aantal dagen voor de première schreef theater recensent en schrijver van o.a. biografieën van theater iconen Henk van Gelder een artikel in het NRC van 17 december 2004 over De Jantjes 2. Hieronder het artikel, geplaatst met toestemming van het NRC.

De Zoon van Dolle Dries Henk van Gelder
Henk van Gelder.jpg
De Olieman Jacq van Tol.jpg
Jacq van Tol.jpg
Simon Carmiggelt.jpg

Henk van Gelder

Carmiggelt.jpg
Sonneveld.jpg
Zeur niet Annie M.G. Schmidt.jpg
Leen alleen.jpg

Henk van Gelder (1946) is freelancermedewerker bij onder andere NRC Handelsblad. Hij is vooral bekend als schrijver van kleinkunstbiografieën.              Van zijn hand verscheen onder andere: De vriendelijkste kerel van de wereld: Jaap van de Merwe (1994), De tekenaar Jo Spier (1995), De rokende schoorsteen. Schrijvers in de reclame (1996), Abraham Tuschinski (1996), Carmiggelt, het levensverhaal (1999), De spookschrijver – het raadsel van Jacques van Tol (2001), De Schnabbeltoer (2005), Zeur niet (2007).                                                                In 2009 verscheen Leen alleen. Het bewogen leven van Leen Jongewaard.
In 2012 verscheen zijn biografie over Joop van den Ende, waarvan meer dan 25.000 exemplaren werden verkocht.
Actueel de biografie Bram. Op leven en dood, over Bram Vermeulen.

Hierboven een aantal boeken uit het imposante theater gerelateerd  oeuvre van Henk van Gelder.

In het bovenstaande artikel De zoon van Dolle Dries van Henk van Gelder, vraagt hij zich af: Maar wat kan dan de reden van dit abrupte einde zijn geweest? Dat is niet meer te achterhalen. Misschien was het publiek bij nader inzien toch minder verrukt van een man met een bruine zoon. Of van de onheilspellende woorden waarmee de zoon zijn lied Rassenhaat besloot: 'Christenen reikt ons de broederhand toe / anders zult gij het beleven / dat het bruine jong eens de misdaden wreekt / aan hunne moeders bedreven." 

 

Naar aanleiding van deze zinsnede vonden wij een artikel van 1 maart 2017 in de blogspot van De Kritische Katjang.

De Kritische Katjang

Voor iedereen met roots en/of interesse in voormalig Nederlands-Indië. Ondanks circa 2 miljoen Nederlanders met een Indische/Molukse achtergrond in ons land wordt onze geschiedenis nog altijd onderbelicht in het onderwijs. Wij zorgen graag voor een 'kritische noot'! De Kritische Katjang brengt nieuws, achtergronden en opinie.

 maart 01, 2017

BRUIN IS MIJN VEL, BLANK ZIJN DE JANTJES

 

De typisch Amsterdamse Jantjes uit de Jordaan, wie kent ze niet? De films, de musical, de liedjes. Het toneelstuk van Herman Bouber, Louis Davids en zijn vrouw Margie Morris uit 1920 wordt nog steeds als musical opgevoerd. Maar dat er ook een 'De Jantjes 2' was, weet vrijwel niemand.

 

In 1924 verscheen de opvolger van dit succesvolle stuk. In 'De Jantjes 2' draait het o.a. om Dolle Dries, die naar Indië ging en daar een verhouding kreeg met een 'inlandsch' meisje, Sarina. Van het een komt het ander en het stel kreeg een zoon, Hamid, een Indo dus. 

 

Dolle Dries ging terug naar Mokum, zonder Sarina, maar nam zijn zoon mee naar Holland. Dat leverde conflictsituaties op tussen vader en zoon, met in het bijzonder een typische Indo-identiteitscrisis voor Hamid.

 

Een van de liedjes in 'De Jantjes 2' is 'Rassenhaat', dat wordt gezongen door Hamid.

De tekst is bijzonder gewaagd voor de tijd waarin het is geschreven, 1924.

 

Een couplet:

 

"Bruin is mijn vel, maar blank is mijn ziel

Veel blanker dan Hollandse heren

Die zonder schaamte in het zonnige land

De inlandse vrouwen onteren.

 

En wij, de zonen van het schandesysteem

Worden bespot en vergeten

Of als een hond door het gouvernement

Ruw in de kampong gesmeten."

 

"Dat is de bruine kleur

Die ons levensgeluk verjaagt,

Die de rassenhaat kweekt

En die eenmaal zich wreekt,

Die de menschen tot dieren verlaagt."

 

De hele tekst is bijzonder de moeite waard om te lezen,

let ook vooral op het laatste couplet!.

 

 

 

De Jantjes 2 is uiteraard in de doofpot verdwenen, zoals zoveel Indische zaken die het daglicht niet mochten zien.

En Kritische Katjangs snuffelen nu eenmaal graag in die doofpotten. 😉

 

 

2017-03-01 RASSENHAAT De Jantjes 2.jpg

Dit is alles wat wij tot nu toe hebben kunnen vinden over De Jantjes II. Indien u, als bezoeker van deze site, over meer informatie beschikt stellen wij het op prijs als u die met ons wilt delen.

Hieronder plaatsen we nog enkele foto's uit de productie van 1924, geluidsopnamen van een aantal liedjes uit De Jantjes II (helaas niet gezongen door de oorspronkelijke medewerkers) aangevuld met de betreffende liedteksten.

Herman Bouber, auteur van De Jantjes II,

hier in de rol van de Schele

Rassenhaat George Hofmannuit De Jantjes II
00:00 / 02:46

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Emil Timrott

Die Scheele Louis de Breeuit De Jantjes II
00:00 / 02:49

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Cor Smit

Gooi Los Louis de Breeuit De Jantjes II
00:00 / 02:53

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Joh. Elsensohn

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Joh. Elsensohn

Holland Indië George Hofmannuit De Jantjes II
00:00 / 03:09

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Cor Smit

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Cor Smit

Laat je kop niet hangen Duo Hofmannuit De Jantjes II
00:00 / 02:51

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Cor Smit

Joeghee (Wij zijn de Tyrolers) Duo Hofmuit De Jantjes II
00:00 / 02:47

Dit lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Anna Sluyters en Cor Smit

Luchtkasteelen George Hofmannuit De Jantjes II
00:00 / 02:46

Dit Lied is in de voorstelling van 1924 gezongen door Mies Peyters en Emil Timrott

Foto Louis de Bree 3.jpg
Foto Louis de Bree.jpg
Foto Louis de Bree 2.jpg

Een aantal van bovenstaande liedjes werden niet gezongen door de medewerkers uit de voorstelling, maar door o.a. George Hofmann en door het Duo Hofmann. Het leek ons daarom gepast een klein overzicht over hen te geven.                                        

                                       

                                             Duo Hofmann

George Hofmann is zoals zovelen begonnen als amateur en werd uiteindelijk bekend als "Bariton-Comique". Hij bracht veel humoristische, maar ook serieuze liedjes ten gehore. Tegen het einde van de eerste wereldoorlog bracht hij al talloze platen uit.

Op 24 januari 1912 trad George in het huwelijk met Truus Meijer, niet lang daarna traden zij al samen op in theaters. Hun stemmen waren beiden zeer krachtig en lagen prettig in het gehoor. Een charmant en beschaafd duo, daar kwam het publiek graag op af. Nadat George enkele jaren solo zijn platen opnam, begonnen de plaatopnamen met zijn echtgenote, vanaf die tijd bekend als het overbekende Duo Hofmann. Er werden dan in deze periode ook best veel platen op de markt gebracht waarop enerzijds het Duo Hofmann en aan de andere kant een lied waarop George Hofmann solo zong.

George Hofmann had veel van zijn gezongen teksten op eigen naam staan. Maar zoals vele artiesten werd hij door de drukte genoodzaakt zijn teksten van anderen te betrekken, een vrij bekende schrijver was o.a. Jacques van Tol. Een bekend lied dat Hofmann zelf schreef was "Het loflied op Hollandsche vrouw", dat, zoals de titel al vermeld een uiting van waardering voor de Nederlandse vrouwen was. Collega-zanger en tekstschrijver Kees Pruis bewerkte dit lied en maakte er zijn versie op. Dat was net iets krachtiger en leuker gezongen dan de versie van het duo en haalde daarom meer de bekendheid. Het Duo Hofmann vulde elkaar goed aan en dat is duidelijk hoorbaar bij de plaatopnames. De vrolijke liedjes liggen nog steeds prettig in het gehoor, de wat serieuzere liedjes minder.

Eind jaren '20 van de twintigste eeuw werd het Duo Hofmann omgevormd tot Trio en later tot Familie Hofmann. De beide dochters van het echtpaar Hofmann-Meijer werden ook bij de amusementswereld van hun ouders betrokken. Er zijn ook enkele opnames zoals "St.Nicolaasavond, deel 1 en deel 2" (Polydor H45140 en H5141) uit 1929. Hierop is een jong meisje te horen, een dochter Hofmann dus! Op het etiket werd ook vermeld "Trio Hofmann".
De oorlogsjaren waren voor vele artiesten moeilijk, met name vanwege de Duitse censuur. Ook voor de familie Hofmann werd optreden wat lastig. George Hofmann werd ook eenmaal gearresteerd, hetgeen zijn gezondheid niet ten goede kwam. Al tijdens en ook na de oorlog wenste George Hofmann, op een enkele uitzondering na, niet meer op te treden. George Hofmann werd nog geen 70 jaar, zijn echtgenote overleefde hem meer dan 10 jaar.

 Een andere vertolker van de liedjes uit De Jantjes II was Louis de Bree, ook van hem hieronder een kort overzicht.

                                                                  Louis de Bree

 Hij was de zoon van Izaak David Davids en Anna Poolman, en gebruikte zijn schuilnaam om verwarring te voorkomen met de   cabaretier Louis Davids. Vooral als komisch acteur werd hij bekend, zowel op het terrein van toneel als van revue en operette.   In die laatste tak werkte hij in de jaren twintig veelvuldig samen met Annie Bakker, zijn echtgenote vanaf 1922 (van 1941 tot   1949 was hij gehuwd met Myra Ward). De Bree was (mede-)directeur van een groot aantal blijspelgezelschappen, t.w. de   Kluchtspelers (1916/18), het Vroolijk Tooneel (1918/19 en 1924/28), het Nederlandsch Vaudevillegezelschap (1920/23), het   Centraal Tooneel (1927/33), De Speeldoos (1928/29), de Zomercombinatie Ruys-de Bree (1932/33), De Komedianten (1936/38),   Cabaret de Carrousel (1937/38) en voor de derde maal het Vroolijk Tooneel (1938/39). Hij regisseerde daarnaast bij het   Nederlandsch Tooneel, het Gemeentelijk Theaterbedrijf, Het Nederlandsch-Indisch Tooneel en het Gezelschap Guus Oster. In   seizoen 1949/50 beëindigde hij zijn theaterloopbaan om zich voor een periode van 17 jaar te verbinden aan de hoorspelkern   van de NRU.

 

 

Foto Duo Hofmann 3.jpg
Foto Duo Hofmann.jpg
Foto Duo Hofmann 2.jpg

Dit is wat wij hebben kunnen vinden over het ontstaan en verloop van De Jantjes II. Als afsluiting kunt u hier onder kijken naar drie nummers uit De Jantjes II, die Nooy's Volkstheater in het seizoen 1980/1981 gebruikt heeft in de productie Ronde Ka, ook van Herman Bouber met liedjes van Louis Davids en Margie Morris, nu in een bewerking van Dick Nooy met arrangementen van Bert Stoots.

Luchtkastelen

Die Vrouwen

Laat Je Kop Niet Hangen

Dit is, voorlopig, het einde van de zoektocht naar De Jantjes II.

Blijf onze website bezoeken, we komen er zeker nog op terug!